Context bij cultuur in Vlaanderen en Nederland

Publicaties

Context bij cultuur in Vlaanderen en Nederland

Onderwijs van het Nederlands of Vlaams? Geen politieke prioriteit in Noord-Frankrijk
0 Reacties
© Foto Dids from Pexels
© Foto Dids from Pexels © Foto Dids from Pexels
De Franse Nederlanden
taal

Onderwijs van het Nederlands of Vlaams? Geen politieke prioriteit in Noord-Frankrijk

Initiatieven om onderwijs in het Nederlands en het Vlaams in Frankrijk te bevorderen blijven schuchter en plaatsgebonden. Zo is het Office public du flamand occidental (Openbaar Bureau voor West-Vlaams) nog altijd niet opgericht, hoewel het al sinds 2018 op stapel staat. En ondanks een paar snelle intentieverklaringen blijven de politici uit Noord-Frankrijk zéér discreet over dit thema.

Juni 2021. In het kader van de campagne voor de regionale verkiezingen heeft Karima Delli, kandidaat van de Union de la gauche, een lange brief geschreven aan de Andries Steven-Kring. Die wil de invloed van de Vlaamse cultuur en haar gesproken en geschreven taal bevorderen. Delli schreef:

“Wij wensen nog meer uitwisselingen te bevorderen met de aangrenzende gebieden, in het bijzonder met Belgisch-Vlaanderen. Dit betekent dat jongeren meer Nederlands moeten leren.

Het is dus belangrijk om het Nederlands te beheersen, omdat het de taal is van onze buren en omdat je er een baan mee kunt vinden. Het spreken van deze taal vergroot de kans op een baan in Belgisch-Vlaanderen of Nederland, maar ook bij de Noord-Franse bedrijven die actief zijn in de Beneluxlanden of in winkels die veel klanten uit Belgisch-Vlaanderen ontvangen.

Daarnaast is er ook een culturele motivatie. De archieven van Belle (Bailleul) tot Duinkerke bevatten veel documenten in oud Nederlands. En het Nederlands is de hedendaagse vorm van het dialect dat vroeger in het arrondissement Duinkerke werd gesproken.

De verdediging en bescherming van het Frans-Vlaamse dialect is voor ons altijd belangrijk geweest: het is ons culturele erfgoed. Het dialect moet worden gestimuleerd in het kader van het toerisme, bijvoorbeeld door Vlaamse plaatsnamen te promoten.

Over de definitie van het begrip ‘streektaal’ moet overeenstemming worden bereikt. In de Elzas genieten zowel de dialectvariant (Elzassisch) als de geschreven variant (Duits) van deze status. Het publieke bureau voor de streektaal omvat zowel het Duits als het Elzassisch.

Wij zijn dan ook voorstander van de oprichting van een publiek bureau voor het Nederlands. Wij voegen hieraan toe dat in de Elzas ongeveer 30.000 leerlingen onderwijs genieten in een tweetalig kader met pariteit (50 procent van de schooltijd verloopt in het Duits).

In Noord-Frankrijk is er slechts één openbare kleuterschool, in Duinkerke, waar gedurende de helft van de schooltijd het Nederlands wordt gesproken. Wij lopen in het noorden van Frankrijk in dit opzicht aanzienlijk achter.

Een dergelijk bureau zou de ontwikkeling van initiatieven, zoals Frans-Nederlands tweetalig onderwijs, op voet van gelijkheid kunnen aanmoedigen, in partnerschap met de andere gemeenschappen. Dit bureau zou dus een doeltreffend instrument zijn in de strijd tegen de werkloosheid, want een echte beheersing van de taal van de buren is alleen mogelijk door al op zeer jonge leeftijd met een taalbad te beginnen.”

Geen reactie

Toont deze lange brief de groeiende belangstelling van de politici uit Nord-Pas-de-Calais voor de West-Vlaamse streektaal en de taal van de buren, het Nederlands? Dat is, a priori, wishful thinking. Karima Delli, lid van het Europees Parlement, werd inderdaad in de regio verkozen (waar ze tot de oppositie behoort), maar er is nog steeds geen spoor van een interventie over dit onderwerp. Zij heeft zich ook doof gehouden voor onze verzoeken om interviews over dit onderwerp.

En ze is niet de enige: de regionale meerderheid, die meermaals is gevraagd zich uit te spreken over de brief van de oppositie, heeft niet gereageerd op onze verzoeken, evenmin als haar ondervoorzitter, François Decoster, de burgemeester van Sint-Omaars, die toch verantwoordelijk is voor de regionale talen. Ook senator Jean-Pierre Decool, die zich meermaals heeft uitgesproken voor het onderwijs van het West-Vlaams reageerde niet.

Wat valt er op te maken uit dit collectieve gebrek aan reactie? Een gebrek aan kennis over het onderwerp? Een gebrek aan interesse? Schaamte? Een wens om er voorlopig niet bij betrokken te raken? Een beetje van dit alles, zeker als je weet dat in Frankrijk de regionale talen in het voorjaar het nieuws haalden met de wet-Molac: het Grondwettelijk Hof heeft deze wet over de bevordering van de regionale talen, die in april door het parlement werd aangenomen, gedeeltelijk afgekeurd (het onderdeel over het immersie-onderwijs van deze talen).

Laten we niet vergeten dat Xavier Bertrand, president van de regio, ook campagne voert voor de presidentsverkiezingen in Frankrijk, wat een zekere terughoudendheid kan verklaren om zich uit te spreken over een potentieel gevoelig onderwerp, terwijl in de regio zelf twee tegengestelde opinies soms botsen. Sommigen pleiten voor het aanleren van het Nederlands, anderen voor dat van het West-Vlaams.

Achterstand in het onderwijs

Eén ding is zeker: het onderwijs heeft nog steeds een grote achterstand. Initiatieven voor de jongste kinderen zijn zeldzaam. Zoals al opgemerkt, biedt in het noorden de openbare kleuterschool Savary in de wijk Rosendael in Duinkerke de helft van de schooltijd in het Nederlands aan. De website Chasseurs d’Infos merkt op:

“Als het experiment slaagt, is de stad Duinkerke van plan het uit te breiden tot de lagere scholen van Coquelle, de middelbare school Paul-Machy en de middelbare school Angellier. Voor deze leerlingen zou het vak Langue vivante 1 in het Nederlands worden opgestart.”

Daarbij wordt benadrukt dat er schot was gekomen in dit dossier onder invloed van Patrice Vergriete, burgemeester van Duinkerke sinds 2014. Een gelijkaardig idee leeft ook in Belle (Bailleul), maar daar bestaat op het ogenblik nog niets concreets. In Sint-Omaars (Saint-Omer), in het departement Pas-de-Calais, biedt de school Paul Bert Nederlandse les aan voor leerlingen in de hoogste jaren van het basisonderwijs (CM1-CM2), voor maar anderhalf uur per week.

De burgemeester van Saint-Omer (Sint-Omaars) verklaarde onlangs in de krant L’Indépendant dat “het bizar is om de taal van je buurman niet te leren” (het Nederlands), terwijl zijn regiovoorzitter, Xavier Bertrand, recent nog pleitte voor de terugkeer van het West-Vlaams in de scholen in het Noorden. Bertrand had vorig jaar de Franse minister van Onderwijs over dit onderwerp ondervraagd. Maar de streektaal is begin 2019 gewoon van de radar van de openbare scholen verdwenen. De rector van de academie beloofde de zaak te onderzoeken.

In haar brief lijkt Karima Delli te pleiten voor een publiek bureau dat Vlaams en Nederlands zou combineren. “Een logisch idee”, volgens een waarnemer van het dossier. Maar in theorie bestaat er al een publiek bureau voor het West-Vlaams. In 2018 werd door Xavier Bertrand en het ANVT (Akademie voor Nuuze Vlaemsche Taele) een voorlopige vereniging opgestart. Drie jaar later heeft niemand er nog iets over gehoord. Aangezien de Regio zwijgt, hebben wij contact opgenomen met de ANVT.

Voorzitter Jean-Paul Couché: “Het project is inderdaad van start gegaan. We hebben bestudeerd wat er in Frankrijk bestond, en toen kwam de vraag welke partners we moesten benaderen: de regio, het departement, de Communautés de communes (organisaties waarin verschillende gemeenten samenwerken, NM)? Maar de COVID-19-pandemie, de verschillende lockdows en het uitstellen van de gemeentelijke, departementale en regionale verkiezingen hebben het proces vertraagd”.

Couché erkent dat de regionale diensten en verkozenen in het begin niet goed op de hoogte waren van het onderwerp. Maar hij is niet ongerust. Vóór de verkiezingen van juni 2021 heeft de president van de Regio hem gezegd dat hij op dit punt serieuze vooruitgang wil boeken. Bovendien heeft Xavier Bertrand in juli, herkozen en in volle voorbereiding voor de presidentsverkiezingen van 2022, zijn toekomstige publieke bureau voor het West-Vlaams geprezen in een interview met TV5 Monde (hier te bekijken vanaf minuut 14).

https://www.youtube.com/embed/PLEWxHDasz8

‘Het Nederlands is een vreemde taal’

Een kantoor dat uitsluitend gewijd moet blijven aan het West-Vlaams, pleit Jean-Paul Couché. Het Nederlands is voor hem een vreemde taal, net als het Engels, en hoewel het zeker een grenstaal is, moet het als zodanig in een aparte structuur worden behandeld. “Vooral omdat Nederlands hier historisch niet bestaat. En de kwestie van de werkgelegenheid is niet gegrond: 90 procent van de Fransen die in Belgisch Vlaanderen een baan hebben, hoeven geen Nederlands te spreken. Integendeel, werkgevers zeggen ons dat ze beter Vlaams kunnen spreken.”

Het is een standpunt dat onze Noord-Franse informant inzake taal – die het onderwijs van het Nederlands steunt – niet verbaast: “François Decoster (de vicevoorzitter in de Regionale Raad en o.a. belast met regionale talen, NM) heeft een rot dossier geërfd. De grote verliezers in dit onwaarschijnlijke verhaal zullen waarschijnlijk de kinderen in het grensgebied zijn.”

Wordt vervolgd – als de betrokken politici een mening over de zaak hebben.

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Sorry

Je bezoekt deze website via een openbaar account.
Je kunt alle artikelen lezen, maar geen producten kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische herabonnering. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be.