Publicaties
‘De wateraap’ is een onverschrokken ode aan de natuur
0 Reacties
De Eerste Keer
literatuur

‘De wateraap’ is een onverschrokken ode aan de natuur

Biologe Elke wil de hemel bestormen en de theorie van de wateraap nieuw leven inblazen. Maar uiteindelijk blijkt ze vooral op zoek naar zichzelf, haar eigen unieke vorm en identiteit. Mariken Heitman schreef met De wateraap een indringend debuut dat meedingt naar De Bronzen Uil.

Plots, op haar twaalfde, voelt Elke zich beschaamd en vooral verraden. Verraden door haar lichaam “vol uitstulpingen, groeistuipen, huilbuien en donker, vijandig haar dat als insectenpootjes uit haar witte onderbroek wil kruipen.” Ze is geschokt. Al die tijd was ze een voorstadium geweest van iets anders, iets wat ze eigenlijk niet wilde worden. “Ik ontweek het lichaam dat voor mij bedoeld was. Er was iets mis met mij.” En haar ouders, die hadden haar niets verteld. Dat is het tweede verraad. Elke blijft zich verzetten tegen die verplichte metamorfose tot vrouw, ook na de puberteit. “Binnen in mij wachtte iemand anders.”

Haar oudtante Ko, een zus van haar overleden oma, biedt soelaas. Iedere zomer trekt Elke zich bij Ko terug op de boerderij aan de waterkant. Ze verzorgen samen de moestuin en de kippen, begraven een vos die ze een tijdje hebben gevoed met ontdooide dierenwinkelmuizen en voeden de composthoop, die de allures krijgt van een levend wezen. Het is logisch dat Elke biologie gaat studeren. Daar raakt ze in de ban van de wateraap, de missing link tussen aap en mens in de evolutietheorie. Als ze voor het eerst een boek leest over de wateraap heeft ze het gevoel: “dit gaat over mij.”

[Lees verder onder video]

Haar fascinatie voor de wateraap brengt haar naar Wenen. Ze ontmoet er niet alleen Lena, de professor die het boek schreef over de wateraap, maar ook een mysterieuze dichter, die opduikt in verschillende gedaantes. Lena en de dichter worden gidsen in de zoektocht van Elke naar zichzelf, net zoals Ko dat eerder al was. Elke hoopt Lena te overtuigen om samen, als hemelbestormers, de theorie van de wateraap nieuw leven in te blazen. Dat lukt niet, maar toch worden ze bondgenoten, al is het dan op een andere manier dan Elke had gehoopt.

De wateraap is een onverschrokken ode aan de natuur. De natuur die minder begrensd is dan ons denken, die ons wijst op de onvolledigheid van onze kennis, ook en vooral over onze afstamming. Een natuur waar schepsels verschillende gedaantes kunnen aannemen, en dus voortdurend kunnen veranderen, waardoor vloeibare tussenfasen ontstaan. Elke voelt zich zelf zo’n tussenfase, liever nog dan een mens was ze een rups geweest, die ingetogen kon vervellen tot een langpootmug, een tor of een vlinder, al is ze tegelijk op zoek naar een plek waar ze zich thuis kan voelen in deze tijd, op deze wereld. Heimelijk vervloekt ze de door haar beminde wateraap, want alle ellende begon toen die zich van het water naar het land liet jagen.

Heitman vertelt Elkes verhaal in mooie, poëtische zinnen vol binnenrijm en dromerige passages, een stijl die volledig samenvalt met het personage. Af en toe lijkt een metafoor wat al te ver gezocht, maar haar vertelstijl is dwingend en haar taal is rijk en levendig. Soms passeren er mooie, wat in onbruik geraakte woorden, zoals ‘broes’ voor een fijne motregen, terwijl even verder een ‘schonkige’ vos zijn opwachting maakt.

“Ik probeerde de tijd een loer te draaien”, schrijft Elke in een brief aan de net overleden Ko, terwijl het eigenlijk de bedoeling was om Lena te schrijven. Of ze in die krachttoer slaagt, wordt duidelijk in een zinderende ontknoping, een laatste, verrassende wending in Elkes zoektocht naar haar eigen, unieke identiteit.

Mariken Heitman, De wateraap, Atlas Contact, Amsterdam/Antwerpen, 2019, 176 p.

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische betaling. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be