Publicaties
De papieren kerstman: de begeerte blijft behouden en ander literair nieuws
0 Reacties
De papieren man
literatuur

De papieren kerstman: de begeerte blijft behouden en ander literair nieuws

‘De papieren man’ zit op het vinkentouw voor de literaire actualiteit in Vlaanderen en Nederland en maakt regelmatig een round-up. In de laatste editie van dit onzalige jaar gaat het onder meer over het onverwachte vertrek van Luc Coorevits bij Behoud de Begeerte, het overlijden van Martin Ros en Koenraad Goudeseune, verschuivingen in uitgeversland en archief- en prijzennieuws, natuurlijk.

Luc Coorevits stopt als directeur Behoud de Begeerte en geeft stokje door aan jong duo

Verrassend nieuws, zo kort voor de jaarwisseling: bezieler Luc Coorevits geeft vanwege gezondheidsredenen nog voor eind 2020 de fakkel door van zijn geesteskind Behoud de Begeerte en legt zijn directeursfunctie neer. Zijn zoon Leander Coorevits en Amber Maes komen als artistiek duo aan het roer te staan.

Liefst 36 jaar leidde de uiterst gedreven Coorevits de organisatie die hij zelf in februari 1984 oprichtte, met Marianne Janssen. “Het plan was natuurlijk, trouw aan de naam van ons geliefde kunstencentrum voor literatuur, om tot mijn 120ste door te gaan, maar er kwam iets tussen”, zo klinkt het bij Coorevits over zijn demarche. Gezondheidsproblemen zorgen ervoor dat Coorevits het estafettestokje vanaf 2021 doorgeeft aan zijn zoon Leander Coorevits (32), die al zeven jaar bij Behoud de Begeerte (BdB) werkzaam is en nu algemeen en zakelijk coördinator wordt. Hij zal in duo opereren met Amber Maes (25), die sinds 2019 bij BdB aan de slag is. Zij is aangeduid als artistiek coördinator. “Ze fungeren uitdrukkelijk als leidinggevend duo”, verzekert Coorevits. “En de som van beide is beter dan ikzelf”, zegt hij in De Morgen, dat het nieuws bracht.

“De plannen om de leiding van Behoud de Begeerte drastisch te verjongen stonden wel al een poosje in de steigers”, vervolgt Coorevits. “Maar toen ik eind vorig jaar de bevestiging kreeg van mijn ziekte, kwam het proces in een stroomversnelling. En toen bleek dat de mensen die mij konden opvolgen al in eigen huis aanwezig waren. Na een grondige procedure trok ook onze Raad van Bestuur die conclusie. De gemiddelde leeftijd van het team dat nu de dienst uitmaakt, zakt tot 27,5 jaar. Wat men noemt: een jonge ploeg.”

Coorevits riep Behoud de Begeerte in februari 1984 in het leven en liet met professioneel gemaakte literaire voorstellingen als het befaamde Saint-Amour, 8 Beaux-Forts, Geletterde Mensen of Koningsblauw een meer dan frisse wind waaien op de literaire podia. “In het totaal heb ik sinds die tijd ruim 2.000 voorstellingen uitgedokterd, in zowel binnen- als buitenland én met Nederlandstalige en internationale auteurs”, telt hij uit. De geschiedenis van Behoud de Begeerte werd nog niet zo heel lang geleden in een boek gevat door Matthijs De Ridder.

Het nieuwe artistiek duo Leander Coorevits-Amber Maes kondigt nieuwe accenten aan, met oog voor “solidariteit, gendergelijkheid, diversiteit en ecologie”, zij het met als speerpunt wel “literaire kwaliteit”. “Maar wat er in de wereld misloopt, toont zich wel zich steeds openlijker in de literatuur. Daar moet Behoud de Begeerte alert voor zijn”, stelt Maes. Leander Coorevits merkt dat zijn filmopleiding én stevige productie-ervaring, hem nu ook in coronatijden ferm van pas komen. “We kunnen niet anders dan ons digitaal aanpassen aan de nieuwe situatie. Toch moeten we steeds beseffen dat onze corebusiness bij literatuur op een podium ligt.”

Zie ook hier voor meer beeldmateriaal uit het BdB-archief op VRT.

Archief Hubert Lampo ondergebracht in Letterenhuis én weer tot leven gewekt

Het Letterenhuis, dat de archieven van de Vlaamse literatuur beheert en archiveert, heeft van de nabestaanden van Hubert Lampo (1920-2006) een omvangrijk archief van de schrijver ontvangen, via zijn zoon Jan Lampo. Het archief van zowat twintig strekkende meter kan nu verder worden geïnventariseerd, onderzocht en ontsloten. Aanleiding is de honderdste verjaardag van Lampo. In het archief schuilen onder meer duizenden briefwisselingen met collega’s, scenario’s van verfilmingen en de BRT-documentaire Koning Arthur, en verder ook talloze foto’s en handschriften. Het werd al gedeeltelijk geïnventariseerd door zoon Jan Lampo, die in het Letterenhuis werkzaam is. “Het is nu tijd om het ter beschikking te stellen van de onderzoekers”, vindt hij.

Eerder ontving het Letterenhuis al van Hubert Lampo zelf een verzameling handschriften van zijn romans, verhalen- en essaybundels en zijn archief als redactiesecretaris van het Nieuw Vlaams Tijdschrift. Lampo werkte zelfs een poos in het Archief en Museum voor Vlaams Cultuurleven (AMVC), de voorloper van het huidige Letterenhuis.

Tot de briefwisseling behoren correspondenties met collega’s als Piet van Aken, Johan Daisne, Jeroen Brouwers, Simon Vinkenoog, Jan de Hartog, Colin Wilson en vele anderen. Interessant zijn ook de brieven van en aan vertalers onder wie de Oostenrijker Paul Wimmer, de Servische Jelica Novakovic, de Rus Wladimir Bjelo-oesov, de Franstalige Belg Xavier Hanotte en de Zuid-Afrikaan Herman Engelbrecht.

Het district Antwerpen en de stedelijke literatuurdienst Antwerpen Boekenstad zetten nu ook een nieuwe literaire wandeling op poten over het bekendste werk van Lampo, De komst van Joachim Stiller. De wandeling wordt uitgeschreven door Jan Lampo en vertelt het verhaal van het boek aan de hand van verschillende locaties in de stad. De wandeling zal in het voorjaar van 2021 worden voorgesteld.

Er is ook een documentaire en podcast van Annick Lesage over Lampo op radiozender Klara. In Lampo & Lampo. Een vaderzoektocht vertelt Jan Lampo honderduit over het leven en het schrijverschap van zijn vader, aan de hand van zijn eigen herinneringen en vondsten in het papieren archief.

Daphne de Heer leidt Lebowski na bruusk vertrek Van Gelderen

Daphne de Heer is aangeduid als de nieuwe uitgever van Lebowski en laat lichtjes in de kaarten kijken in een interview in Boekblad, na het onverhoedse en onverwachte vertrek van Oscar van Gelderen. De Heer was lange tijd werkzaam bij de Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam (SLAA), waar ze een uitgebreid literair netwerk opbouwde.

De Heer kondigt aan dat ze de ongerichtheid van het fonds wat wil temperen: “Gezien de achtergrond van Lebowski wil ik me wel meer richten op Nederlandse fictie en non-fictie. Het literaire profiel versterken. Het is een heel eclectisch fonds. Dat is hartstikke leuk: alles kan. Maar ik vind het ook prettig om er meer lijn in aan te brengen. Ik merk ook uit de markt dat men Lebowski soms iets té ongrijpbaar vindt.”

Het spoor drukken van Oscar van Gelderen lijkt haar niet te intimideren: “Kijk, Oscar was one of a kind. Zíjn smaak bepaalde de grilligheid van het fonds. Maar ik ben Oscar niet. Ik heb ook geen enkele ambitie om in zijn voetsporen te treden. Ik ga daarom invulling aan het fonds geven op basis van mijn eigen voorkeuren. Ik zal de thrillersectie niet heel hard gaan uitbouwen, maar we hebben natuurlijk wel een paar ijzersterke thrillerschrijvers als Simon de Waal en Saskia Noort in huis waar ik dolblij mee ben.”

P.C. Hooft-prijs voor Alfred Schaffer

De P.C. Hooft-prijs voor Letterkunde 2021 is toegekend aan de Nederlandse dichter Alfred Schaffer (1973). Aan deze belangrijke oeuvreprijs is een geldsom van 60.000 euro verbonden. De prijs wisselt af tussen een essay-, poëzie- en prozalaureaat, dit jaar was dus een dichter aan de beurt. Schaffer reageerde uitermate verrast én ook ontroerd : “Zijn eerste gedachte was dat ze hem misschien wilden vragen als jurylid, en dan blijk je de prijswinnaar te zijn.” In Trouw liet hij optekenen: “Ik viel echt van mijn stoel. Er was hier geen kip, dus ik heb maar even naar huis gebeld. Daar vielen ze ook van hun stoel.’

De 47-jarige Alfred Schaffer is de eerste P.C. Hooft-prijs-laureaat die debuteerde in de eenentwintigste eeuw. In 2000, toen zijn bundel Mijn opkomst in de voorstad verscheen, viel onmiddellijk op “hoezeer de dichter uitblinkt in het schrijven van autonome, soms onheilspellende scènes”, aldus de jury, met als voorzitter Trouw-recensente Janita Monna. Schaffer, wiens moeder afkomstig is van Aruba, heeft inmiddels tien bundels gepubliceerd, waaronder Schuim (2006) en Kooi (2008). Dit jaar nog verscheen Wie was ik.

“Schaffers gedichten laten zich in eerste instantie vaak lezen als willekeurige passages uit een oneindige stroom observaties – maar die willekeur is schijn. Zijn poëzie omvat zeer precies gekozen momentopnames, met zinnen die ogen alsof er een scalpel aan te pas is gekomen”, aldus de jury.

Ook wordt zijn “oprechte betrokkenheid” geeëerd. “Alfred Schaffer is een dichter die zonder met modes mee te waaien midden in deze tijd staat.” Schaffers poëzie woont sinds 1996 – met een onderbreking van enkele jaren – in Zuid-Afrika. Hij is er als lector Nederlands verbonden aan de Stellenbosch University “In zijn gedichten resoneert de verhouding tussen wit en zwart regelmatig.”

De jury bestond naast Janita Monna uit de dichters Ester Naomi Perquin en Michael Tedja, en Poëziecentrum-directeur Carl De Strycker. Recensent Arjan Peters – die met de Volkskrant nog steeds in een arbeidsconflict is gewikkeld – werd op een diefje in extremis vervangen door Jeroen Dera.

Schaffer doet het goed bij prijzenjury’s en is vaak bekroond, onder meer met de Awater Poëzieprijs, de Jan Campert-prijs en de Paul Snoek Poëzieprijs. Hij schrijft poëziekritieken in De Groene Amsterdammer. Schaffer ontvangt de prijs wellicht in mei bij een evenement in het Nederlandse Literatuurmuseum, maar dat is afhankelijk van de corona-evoluties.

Rokus Hofstede krijgt Martinus Nijhoffprijs voor vertalingen uit het Frans

De Martinus Nijhoffprijs voor vertalingen, goed voor 35.000 euro, is toegekend aan Rokus Hofstede voor zijn vertalingen uit het Frans. Hofstedes oeuvre omvat bijna vijftig titels, waaronder Roemloze levens van Pierre Michon en het onlangs verschenen De jaren van Annie Ernaux. Hij vertaalde verder ook werk van Emil Cioran, Georges Perec, Charles-Ferdinand Ramuz en Georges Simenon, naast non-fictieboeken van Roland Barthes, Pierre Bourdieu en Bruno Latour. Hofstedes oeuvre is van een onveranderd hoog niveau, waarin hij zich steeds een uitgesproken betrouwbaar en briljant vertaler toont. Zijn vertalingen zijn niet alleen zeer precies en degelijk, maar ook doorspekt met inventieve en vaak geestige oplossingen. Daarnaast werpt hij zich via inleidingen, lezingen en commentaren op als een belangrijk pleitbezorger van de Franse literatuur in Nederland en Vlaanderen”, zo vond de jury onder voorzitterschap van Maarten Asscher.

Rokus Hofstede (Hengelo, 1959) bracht een groot deel van zijn jeugd in Zwitserland en België door. Hij studeerde sociale geografie, culturele antropologie, maar legde zich vanaf 1990 bijna helemaal toe op het vertalen van Franse literatuur. Hij werkte regelmatig in tandem samen met Martin de Haan.

De jury van de Martinus Nijhoff Vertaalprijs 2021 bestond uit Maarten Asscher (voorzitter), Henri Bloemen, Eric Metz, Hilde Pach, Marjolein van Tooren en Marjoleine de Vos. In De Standaard was een interview met Hofstede te lezen, die er nogal stellig over is dat een vertaler ook mede-auteur is, een boude stelling waar niet iedereen het mee eens is.

Uitgever en boekenfanaat Martin Ros (83) overleden

De voormalige Nederlandse uitgever, auteur en boekenfreak Martin Ros is op 83-jarige leeftijd aan de gevolgen van het coronavirus. Ros was als hoofdredacteur ruim dertig jaar verbonden aan De Arbeiderspers. Daar stond hij aan de wieg van de prestigieuze egodocumentenreeks Privé-domein. Ook auteurs als Maarten ’t Hart, Gerrit Komrij, Boudewijn Büch en Joost Zwagerman zette hij mee op de kaart.

In Nederland werd Ros beroemd toen hij – vaak met overslaande en altijd geëxalteerde stem – boekenrecensent werd van de veelbeluisterde TROS-nieuwsshow. Aartsverzamelaar Ros had ooit zo’n 60.000 boeken én schreef ook over wielrennen en zijn roomse jeugd.

Op zijn blog schreef Arbeiderspers-redacteur en -uitgever Peter Nijssen – die onder de vleugels van Ros de uitgeverij betrad – een fraai in memoriam. “Martin Ros was niet mijn literaire vader. Daarvoor verschilden onze temperamenten en vermoedelijk ook onze literatuuropvattingen te zeer, maar ik heb wel naar hem opgekeken en in de jaren waarin ik hem veel heb meegemaakt (grofweg tussen 1986 en 1997) een hoop van hem opgestoken. Hij heeft mij de weg gewezen naar tientallen boeken die ik zonder hem wellicht nooit zou hebben gelezen, hij heeft mij een niet-academisch enthousiasme voor literatuur bijgebracht alsook een toen nog nauwelijks ingesleten besef dat een leven in de letteren niet per se een degout van de ‘lagere’ kunst en cultuur hoefde in te houden.”

En: “Hij was de omnivoor bij uitstek. Wat impliceert dat kieskeurigheid niet zijn kracht was. Martin kon even begeesterd spreken over Thomas Mann, Nietzsche en Chateaubriand als over Amerikaanse thrillers, Zweedse erotica en Belgische wielerkoersen.”

Nijsen was lang niet de enige die anekdotes boventakelde. Op de sociale media wemelde het van de kiese – en minder kiese – herinneringen aan de boekengek.

Schrijver Koenraad Goudeseune (55) kiest voor euthanasie

De Vlaamse dichter- en prozaschrijver Koenraad Goudeseune is op 9 december op 55-jarige leeftijd overleden. De Gentse schrijver koos resoluut voor euthanasie nadat bij hem darmkanker werd vastgesteld en chemotherapie geen kans op genezing zou bieden. Kort voor zijn dood postte hij op zijn sociale media een reeks prangende afscheidsgedichten.

Goudeseune, geboren in Ieper in 1965, stond bekend als een woelwater in de Vlaamse letteren, die er de laatste jaren een erezaak van maakte om collega’s en critici tegen de haren in te strijken. Tegendraadsheid was zijn tweede natuur. Ondanks zijn diepgewortelde gevoel van miskenning, behield hij een kring van bewonderaars en leek hij met zijn nietsontziende, autobiografische proza, de status van recalcitrant cultauteur te verwerven.

Goudeseune leek voorbestemd voor een vruchtbare literaire carrière. Hij debuteerde in de jaren 1990 nadat zijn talent werd gedetecteerd door Herman de Coninck in het Nieuw Wereldtijdschrift en ook door het magazine DW B. In zijn “zompige” prozadebuut Vuile was (1993) greep hij terug naar zijn West-Vlaamse jeugd, waar hij soms venijnig mee afrekende, “plat, katholiek, duister”. Goudeseune schreef aards, zonder franjes, met gevoel voor het scabreuze én soms meedogenloos voor zijn omgeving en voor zichzelf, met een romantisch-decadente tint. Ook zijn verhouding met vrouwen was geaccidenteerd en bood verhaalstof.

Bij AtlasContact maakte hij enige naam met geestige en grimmige brievenboeken als Onuitsprekelijk is wat wij over de liefde zeggen (1999), Het boek is beter dan de vrouw (2007) en Wat duurt op drift zijn lang (2010). Ook daar veegde hij collega’s en critici rauw de mantel uit.

Toen de uitgeverij zijn wisselvalliger wordende werk niet langer wilde publiceren, raakte Goudeseune steeds vaker op drift. Hij ging aan de slag als nachtwaker of als taxichauffeur in Gent en wist ook uit het nachtleven munitie te putten voor nieuw werk.

Goudeseune bleef stug doorschrijven, vooral poëzie, met een voorkeur voor de sonnetvorm, terwijl zijn boeken bij steeds kleinere uitgeverijen het licht zagen. Bij Douane verscheen zeer onlangs nog de kleine roman De nuttige last van tragiek.

In een van zijn laatste gedichten, ‘Excellentie’, klinkt het:

(...) Laat mij, bij wijze van spreken, een
kwieke terdoodveroordeelde zijn die eerder dan zijn beul klaar staat
op ’t schavot en hem nog grijnzend vraagt: ‘Waar bleef je, excellentie?’

Kort nieuws

# Annette Portegies is niet langer uitgever bij Querido, dat is nu vanaf 1 januari Wendy Wilbers (zowel voor de kinderboeken als de boeken voor volwassen lezers). Portegies verhuist als uitgever naar de nieuwe, kleinschalige non-fictie-uitgeverij Querido Facto, waar ze halftijds aan de slag gaat om ook haar biografie over Maurice Gilliams na vijftien jaar te kunnen afwerken. “Singel Uitgeverijen, van oudsher zo sterk in literatuur, heeft al langer de ambitie om meer non-fictie uit te geven”, meldt directeur Paulien Loerts. Meer details in Boekblad.

# Hoewel het boek al in december 2018 is verschenen, blijft De Bourgondiërs van Bart Van Loo ongezien soepel over de toonbank circuleren. Recent is in het Nederlandse taalgebied de kaap van de 200.000 exemplaren gerond en verscheen een paperbackeditie die de cijfers nog zal aanjagen. De hernieuwde aandacht heeft ook te maken met het buitenlandse succes. De Duitse vertaling is ook al 20.000 keer verkocht en nu lijkt Van Loo met Les Téméraires ook Frankrijk te veroveren, waar onder meer Le Figaro en andere grote kranten overstag gaan. De Franse versie doet het trouwens ook goed in de bestsellercijfers in Wallonië. In 2021 verschijnt de Italiaanse versie.

# Het Prins Bernhard Cultuurfonds en het Nederlands Letterenfonds investeren samen 260.000 euro in nieuwe debuten en bijzondere uitgaven. Met deze bijdragen kunnen zesentwintig bijzondere titels worden gerealiseerd; daarbij komt minimaal de helft van het bedrag rechtstreeks ten goede aan de makers. Dertien verschillende uitgeverijen ontvangen voor in totaal zesentwintig projecten een bijdrage van 10.000 euro. Het gaat om literatuur in alle genres, van romans tot graphic novels, van vertalingen tot poëzie, essays en andere non-fictie. De ondersteunde titels zullen binnen twee jaar verschijnen. Aan het totaalbedrag van 260.000 euro droeg het Nederlands Letterenfonds 100.000 euro bij (vanuit het eerste steunpakket van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Welzijn (OCW), het Prins Bernhard Cultuurfonds nam twee derde (160.000 euro) van het budget voor zijn rekening.

# Auteur Jan van Mersbergen kijkt lichtjes ginnegappend naar de recensies over onder meer Mijn lieve gunsteling van Marieke Lucas Rijneveld, zie ook hier: Lof is terecht, maar zoals eerder aangegeven is lof zonder onderbouwing als roffelen op een hol vat. Het geeft veel lawaai, maar zodra je ermee ophoudt is het stil en is er in het vat niks te vinden.”

# Schrijver en criticus Roderik Six schrijft over de tweede lockdown in een tekst voor het Amsterdamse debatcentrum Spui 25: “Nu wonen we weer gevangen in de herfst. Zijn geweifel en geruis – zijn net niet. Zijn natte dagen als een mal, zijn dunne uren waarin je nipt kunt ademen, zijn schrale seconden. Meer dan in de zomer voel je de stroperige tijd: hoe lang nog? Dit jaar wordt tergend traag ten grave gedragen en iedereen fluistert op de wake, weer nederig en nauwelijks hoorbaar: we hadden toen moeten zwijgen, wijselijk, we hadden toen moeten luisteren.”

# Schrijfster en filosofe Alicja Gescinska stelde als curator bij het literaire tijdschrift DW B een pas verschenen nummer samen over de impact van “muren”. Hij ligt al lang tegen de vlakte, en toch bleef de Berlijnse Muur voor de uit Polen afkomstige Gescinska nog lang een schaduw werpen op haar bestaan: “Altijd was die muur daar.” Daarom creëert DW B een eigenzinnig literair herdenkingsmonument voor “de muur”. Want een muur beknot en beperkt, maar beschermt evengoed. Hoe kijken schrijvers naar hedendaagse muren? Met teksten van zowel gevestigde waarden als van nieuwe stemmen: Leo Pleysier, Koen Peeters, Marcel Möring, Asis Yanan, Mira Feticu, Hans Bogaert, Ann Meskens, Toon Horsten, Eva Rovers en Jens Meijen.

# Adriaan van Dis heeft sinds de verschijning van Ik kom terug in 2014 meer dan 200.000 exemplaren van het boek verkocht. Voor deze prestatie ontving hij een Gouden Boek, meldt de Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek.

# De helaasheid der dingen van Dimitri Verhulst is verkozen tot beste boekentitel aller tijden door de luisteraars van Radio 1, meldt het boekenplatform van de VRT, Lang zullen we lezen. De ontdekking van de hemel van Harry Mulisch belandde op de tweede plek.

# En tot slot: de jury voor de driejaarlijkse Prijs der Nederlandse letteren is bekendgemaakt, met als voorzitter hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de UGent, Yves T’Sjoen. De overige juryleden zijn: Jacqueline Bel, hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde Vrije Universiteit Amsterdam (Multatuli-leerstoel); Joost de Vries, auteur en recensent voor De Groene Amsterdammer; Babs Gons, schrijver, performer en columnist; Thys Human, professor Afrikaans en Nederlands, North-West University South-Africa; Veerle Vanden Bosch, cultuurredacteur bij De Standaard en recensent voor De Standaard der Letteren; Marnix Verplancke, recensent voor Knack, De Morgen, Trouw en de lage landen.

Aanmelden

Registreer je of meld je aan om een artikel te lezen of te kopen.

Sorry

Je bezoekt deze website via een openbaar account.
Je kunt alle artikelen lezen, maar geen producten kopen.

Belangrijk om weten


Bij aankoop van een abonnement geef je toestemming voor een automatische herabonnering. Je kunt dit op elk moment stopzetten door contact op te nemen met philippe.vanwalleghem@onserfdeel.be.